Zestien
Ze stapte binnen als een onbekende jonge vrouw, dat doet ze de laatste tijd vaker op die ellenlange benen. Ze drinkt koffie en hoeft geen gebak. Haar verjaardag viert ze liever overdag zodat ze ‘s avonds tapas kan eten met vrienden. Ze vertelt van jurkjes, vakantiebaantjes en ‘stappen’ in keurig Nederlands. Dat ze zo talig is geworden in woord en vooral in geschrift, daarvan ben ik ook steeds zo van mijn stuk. Het is altijd maar een moment dat ik haar niet herken. Het begint vaak met een vleugje van haar kleuterstem, die ik sinds ze een jaar of zeven is niet meer na mag doen van haar: ‘Lie, wat hadden we afgesproken?’. Dan voor ik het weet vult ze de kamer in alle gedaanten die ze tot op de dag van vandaag heeft gehad. Pasgeboren in de roze jurk met muizen, het gezichtje nog kreukelig. Met slungelige diepbruine stokbenen naast me in een telefooncel op Malta, schuilend voor een hoosbui. Als kleuter, mokkend en boos achterovergeleund op de bank tegen haar moeder, hopend dat ik aan haar kant zou staan: ‘Maar weet Lia dat dan wel, dat Sinterklaas niet bestaat?’. 23 juli 2011 werd ze 16, het leek heel wat maar veel was er gelukkig nog niet nodig om de dame te verjagen. Wat cadeauxtjes en haar opa die binnenkwam, dat was nog genoeg.
